Koppeling tussen applicaties

Uit Via Nova Architectura Wiki
Ga naar: navigatie, zoeken
Figuur 2 05 Eenvoudig informatiemodel.png ArchiMate in de praktijk

Zie ook: ArchiMate Made Practical

Inhoud

Vraagstelling

Het is wenselijk dat koppelingen tussen applicaties in beeld worden gebracht. Welke concepten binnen ArchiMate kunnen hiervoor worden gebruikt?

Oplossing

Een applicatie wordt gemodelleerd als applicatiecomponent met bijbehorende applicatiefuncties. Een koppeling tussen twee applicaties wordt gemodelleerd via een applicatieservice. De applicatieservice levert gegevens door middel van een toegangsrelatie met een data-object. In het onderstaande voorbeeld is gemodelleerd dat applicatiefunctie A een applicatieservice realiseert die door B wordt gebruikt. De applicatieservice levert de gegevens die in het data-object zijn opgenomen.

Figuur 3 03 Applicatiekoppeling middels applicatiefunctie.png

Figuur 3.3 - Applicatiekoppeling middels applicatiefunctie

Gevolgen

Als via deze oplossing de huidige koppelingen tussen applicaties binnen een bedrijf in beeld worden gebracht, dan kan de suggestie worden gewekt dat er al sprake is van een servicegeoriënteerde architectuur terwijl daar in werkelijkheid nog geen sprake van is. Alternatieven: Met inachtneming van de compositieregels (zie good practice ‘Vereenvoudigingen met behoud van consistentie’), kunnen de applicatiefuncties in het model weggelaten worden. Onderstaande figuur toont het resultaat.

Figuur 3 04 Applicatiekoppeling middels applicatieservices.png

Figuur 3.4 - Applicatiekoppeling middels applicatieservices

Ook is het mogelijk bovenstaande koppeling aan te geven zonder dat er een data-object in meegenomen wordt:

Figuur 3 05 Applicatiekoppeling middels applicatieservices.png

Figuur 3.5 - Applicatiekoppeling middels applicatieservices

Niet elke organisatie heeft al een servicegeoriënteerde architectuur. Het is dan ook mogelijk om de koppeling van applicaties te modelleren met behulp van een flow-relatie tussen de applicaties. Met gebruikmaking van een afgeleide relatie ziet dat er uit als hieronder aangegeven. Applicatie A levert klantgegevens aan applicatie B.

Figuur 3 06 Applicatiekoppeling middels flow relatie.png

Figuur 3.6 - Applicatiekoppeling middels flow relatie

In sommige gevallen vindt de koppeling van de applicaties niet rechtstreeks plaats, maar gebeurt dat via een database. Daarbij schrijft de ene applicatie in een tabel, die door een andere applicatie gelezen wordt. Onderstaande figuur geeft dit weer. Applicatie A schrijft, Applicatie B leest datzelfde data-object.

Figuur 3 07 Applicatiekoppeling middels data object.png

Figuur 3.7 - Applicatiekoppeling middels data object

Relaties met andere good practices

Dit kan worden gebruikt bij het opbouwen van een applicatielandschap via de good practice ‘Applicatielandschap’. Dit is ook van toepassing bij de good practice ‘Servicebroker’.

Persoonlijke instellingen
Naamruimten

Varianten
Handelingen
Navigatie
Hulpmiddelen