ArchiMate in de praktijk

Uit Via Nova Architectura Wiki
Versie door Hvdrunen (Overleg | bijdragen) op 15 nov 2011 om 19:12 (Nieuwe pagina aangemaakt met 'Hoe breng ik een applicatielandschap in beeld? Hoe leg ik relaties tussen logische (inrichtingsonafhankelijk) en fysieke bedrijfsprocessen (inrichtingsafhankelijk)? Ho...')

(wijz) ← Oudere versie | Huidige versie (wijz) | Nieuwere versie → (wijz)
Ga naar: navigatie, zoeken

Hoe breng ik een applicatielandschap in beeld? Hoe leg ik relaties tussen logische (inrichtingsonafhankelijk) en fysieke bedrijfsprocessen (inrichtingsafhankelijk)? Hoe breng ik in beeld welke afdelingen functioneel eigenaar zijn van welke applicaties? Hoe beeld ik de applicatieportfolio af op de technische infrastructuur? Hoe geef ik aan welke gegevens benodigd zijn bij de levering van welke producten en diensten aan klanten? Hoe modelleer ik een servicebroker?

Dit zijn allemaal modelleervragen waar je als enterprise architect in de praktijk mee geconfronteerd wordt. Er zijn dan ook veel manieren die worden gehanteerd om antwoord te geven op deze vragen. Veel manieren leidt tot wildgroei en problemen om met de gemaakte platen goed te kunnen communiceren. Achter elk plaatje zit een verhaaltje, maar een plaatje gaat vaak een eigen leven leiden en het verhaaltje raakt verloren, zeker als de oorspronkelijke maker met andere werkzaamheden bezig gaat of zelfs weg is bij een organisatie.

In de praktijk van ‘werken onder architectuur’ wordt bij steeds meer organisaties gebruik gemaakt van ArchiMate als beschrijvingstaal voor het vastleggen van enterprise architecturen met daarin domeinen als: producten/diensten, processen, organisatie, gegevens, applicaties en technische infrastructuur. Met deze taal is het mogelijk om de globale structuur binnen een domein te modelleren en de relaties tussen domeinen te modelleren. Een andere belangrijke eigenschap van ArchiMate is de mogelijkheid om modellen op verschillende manieren te visualiseren, gericht op verschillende belanghebbenden. Bovendien levert de taal een formele onderbouwing zodat modellen geanalyseerd kunnen worden (bijvoorbeeld op een aspect als performance).

Daarbij is het expliciet niet de bedoeling dat ArchiMate de bestaande talen, zoals BPMN, UML e.d., zal vervangen; het vormt hierop een aanvulling, waarbij wel zo veel mogelijk aangesloten wordt op bestaande standaarden en praktijken. Ondertussen zijn er veel ervaringen opgedaan met ArchiMate in Nederland (niet alleen meer in Nederland) en is te zien dat steeds meer herkenbaardere en beter communiceerbare modellen worden opgeleverd. En de populatie van enterprise architecten dat gebruik maakt van ArchiMate is nog steeds groeiende.

Hierbij is echter ook te zien dat dezelfde typen modelleervraagstukken op verschillende manieren met ArchiMate worden ingevuld, waarbij kan worden gesteld dat niet alle manieren een goede bijdrage leveren aan de communiceerbaarheid van de modellen richting de belanghebbenden. De praktijk leert ook dat je van goede huize moet komen om de taal goed te kunnen vastpakken en toepassen. De drempel is toch nog vrij hoog om er direct mee aan de slag te kunnen gaan.